De volgende dag stond er geen wandeling op de planning maar hadden we ingeschreven voor de show in Leuven. De corgi’s van De Milligenhof lieten zich hier van hun beste kant zien. Mamma Mia werd reserve beste teef en halfzusje Kiki Keen werd beste teef en ook nog eens beste van het ras. Het was een lange dag van veel staan en we waren wel wat stijfjes geworden. Het is toch een heel verschil, de ene dag op je bergschoenen en nu weer op charmante hakjes. We waren dan ook redelijk gesloopt toen we weer bij het huisje kwamen. Al vroeg hielden we het voor gezien. Ik lag net in bed toen Miranda in haar pyjama de trap weer op kwam. “Slaap je al? Ik ben mijn wandeljas kwijt.” Ik probeerde haar gerust te stellen met het idee dat de jas vast wel in de auto zou liggen en dat we de volgende dag bij licht wel zouden gaan zoeken. Miranda vertrok weer naar beneden. Kort daarna werd ik wederom wakker met de vraag: “Als ie nou niet in de auto ligt, vind je het dan erg om terug naar de show te rijden?” Opnieuw stelde ik haar gerust met de mededeling dat de jas vast wel in de auto zou liggen. Maar dat was van korte duur en even later werd ik nogmaals uit mijn slaap gewekt met de vraag: “Waar zijn je auto sleutels???” Even later hoorde ik Miranda voor de vierde keer de trap op komen. “Ik kan weer slapen. Je had gelijk, ik heb hem.” Inmiddels was ik klaarwakker en kon de eerste uren niet meer in slaap komen.

De volgende morgen heb ik me dan ook maar laten verwennen met een heerlijk ontbijtje. We hadden afbakbroodjes gekocht, maar er bleek geen oven in het huisje te zitten. Met wat creativiteit lukte het ook om de broodjes in een koekenpan met deksel te bereiden. Na het ontbijt gingen we weer op voor een grote ronde van 25 km. We hadden tijdens de vorige route een kortere weg ontdekt naar de brug en zo kwamen we snel in een nieuw gebied.

 

Daar vonden we zelfs meerdere tunneltjes onder de snelweg door. Ook op deze wandeling volgden weer zinvolle survivaltips van Miranda, zoals “Zoveel mogelijk hoog blijven voorkomt klimmen”. De tip “Laag is het natter, blijf vooral in de buurt van boomwortels lopen” bleek waardevol en vooral zeer humoristisch, toen ik achter me een klein stemmetje hoorde: “Help ik zit vast.” Toen ik me omdraaide, zag ik Miranda met beide benen tot aan haar knieën in de blubber staan. Tijdens de verdere wandeling kon ik het dan ook niet laten om haar, naast het vragen “of ze haar jas nog wel had” ook met regelmaat aan haar briljante tip te herinneren. De laatste dag maakte we nog een mooie tocht door een meer gecultiveerd bos, waarmee tevens een einde kwam aan ons Ardennenavontuur.

Survival in de Ardennen (vervolg)

Terug naar belevenissen

Terug naar deel 1